Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-5750

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 29 februari 2012

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken

Afrika - Lord's Resistance Army - Amerikaanse missie - Belgisch leger - Internationale samenwerking

Afrika
conflict tussen etnische groeperingen
extremisme
misdaad tegen de personen
seksueel geweld
strijdkrachten in het buitenland
militaire samenwerking
kinderbescherming
Oeganda
oorlogsmisdaad

Chronologie

29/2/2012 Verzending vraag
17/4/2012 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-5751

Vraag nr. 5-5750 d.d. 29 februari 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Afrika wordt sinds jaar en dag geteisterd door vele conflicten tussen landen, clans en religies. Dit resulteert in uitwassen zoals de Lord's Resistance Army (LRA), onder leiding van Joseph Kony. Deze militaire groep met extreme christelijke overtuigingen begaat wandaden zoals moorden, verminkingen en verkrachtingen. Ze is actief in het noorden van Uganda maar ook in Zuid-Soedan, D.R. Congo en Centraal Afrika. Veel van hun troepen bestaan uit kindsoldaten. De LRA overvalt scholen of dorpen en dwingt de kinderen om te moorden en andere wandaden te begaan. Deze kinderen worden dus op onvoorstelbare wijzen misbruikt. De LRA is zeer mobiel en beweegt tussen de verschillende staten om weerstand van nationale troepen te vermijden. Een internationale aanpak is dus nodig.

In 2009 ondertekende de Amerikaanse president Obama een wet met als doel de LRA te ontwapenen. In 2011 stuurde hij 100 militaire adviseurs naar de Democratische Republiek (D.R.) Congo, Soedan en de Centraal-Afrikaanse Republiek om lokale troepen te ondersteunen om de LRA te bestrijden. De Amerikaanse troepen zouden de lokale troepen trainen en assisteren maar niet zelf vechten, tenzij uit zelfverdediging. Deze missie kent voorlopig een beperkt succes. In verschillende conflicten zijn al overwinningen op de LRA behaald maar diens soldaten blijven toch actief en gaan door met plunderen, verkrachten en moorden.

De minister van Landsverdediging maakt op de website van Defensie in verschillende berichten duidelijk dat BelgiŽ duidelijk aanwezig is in de regio. Zo werd vorig jaar een akkoord met D.R. Congo gesloten voor verdere militaire samenwerking, waarbij Congolese militairen gevormd en begeleid worden in hun opleiding. Ook zijn er Belgische experts in het westen van Uganda om deel te nemen aan de missie European Union Training Mission Somalia (EUTM Somalia). Bij deze projecten delen de Belgische soldaten hun kennis en expertise met de lokale militairen om de conflicten te beŽindigen en de regio te stabiliseren.

Graag had ik dan ook hieromtrent een gedetailleerd antwoord ontvangen op volgende vragen:

1) Hoe schat u de situatie met betrekking tot de Lord's Resistance Army in? Kan u een stand van zaken geven? Hoe sterk is deze beweging nog?

2) Zijn de Belgische experts in de regio die lokale soldaten trainen ook bezig met dit probleem? Is er bereidheid van lokale regeringen om de LRA te bestrijden?

3) Is er sprake van een internationale samenwerking om deze beweging te bestrijden?

Zo ja: neemt BelgiŽ hier aan deel of overweegt u hieraan deel te nemen? Hoe verloopt deze samenwerking? Zo neen: Vindt u dat dit nodig is? Bent u van plan hier werk van te maken?

4) Is er overleg of samenwerking met de Amerikaanse troepen die met dit probleem bezig zijn?

Antwoord ontvangen op 17 april 2012 :

Het geachte lid gelieve hierna het antwoord te willen vinden op de door haar gestelde vragen.

1. De “Lord's Resistance Army” (LRA) is thans nog slechts een schijn van wat ze vroeger (begin 2000) was. Het feit echter dat de LRA nog steeds de oorzaak is van talrijke vluchtelingen en ontheemden en geweld pleegt tegen burgers toont aan dat ze nog steeds een dreiging voor de stabiliteit in de regio betekent. Er is momenteel geen betrouwbare informatie beschikbaar over het juiste aantal rebellen van de LRA doch algemeen wordt aangenomen dat er ongeveer 300 gewapende leden zijn, vergezeld door een onbekend aantal vrouwen en kinderen. De LRA zou in twee groepen opereren. Eén groep bestaat uit ongeveer 250 strijders en bevindt zich in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Tot deze groep behoort Joseph Kony. De tweede groep bestaat uit zo’n 50 strijders en bevindt zich in de Democratische Republiek Congo (DRC).

2. De Belgische experts in de regio zijn niet bij de LRA problematiek betrokken. Officieel bestaat er een verstandhouding tussen betrokken landen (Oeganda, DRC, Centraal-Afrikaanse Republiek en Zuid-Soedan) om onder de vorm van een regionale macht samen te werken in de strijd tegen de LRA.

3. Er is eigenlijk geen sprake van een internationale samenwerking voor de strijd tegen LRA. In de regionale samenwerking is een Joint Intelligence Center opgericht in Dungu (DRC) waaraan Oeganda, de Centraal-Afrikaanse Republiek, DRC en MONUSCO deelnemen. Dit centrum wordt door de Verenigde Staten gesteund. Er zijn actueel geen andere landen betrokken. Daar komt nog bij dat de Afrikaanse Unie een speciale gezant voor de LRA heeft benoemd en dat de UNOCA (United Nations Regional Office for Central Africa) in Libreville voor de coördinatie zorgt tussen de verschillende VN-missies in de regio en met de Afrikaanse Unie en sub-regionale organisaties.

4. Defensie heeft geen contacten met Amerikaanse militairen die bij de strijd tegen de LRA betrokken zouden zijn.