Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-5113

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 30 december 2011

aan de minister van Middenstand, KMO's, Zelfstandigen en Landbouw

Zelfstandige in bijberoep - Sociale bijdragen - Pensioenrechten

zelfstandig beroep
dubbel beroep
sociale bijdrage
ouderdomsverzekering
officiŽle statistiek

Chronologie

30/12/2011 Verzending vraag
2/3/2012 Antwoord

Herindiening van : schriftelijke vraag 5-3239

Vraag nr. 5-5113 d.d. 30 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Er zijn in BelgiŽ zo'n 220.000 mensen die een zelfstandig bijberoep uitoefenen. Dit cijfer blijft aangroeien. Zelfstandige in Bijberoep vormt voor velen een ideale springplank naar een eigen zaak.

De zelfstandige in bijberoep is wettelijk verplicht zich aan te sluiten bij een sociaal verzekeringsfonds voor zelfstandigen.

Vanaf een netto-belastbaar jaarinkomen van Ä 1 341,96 uit die zelfstandige activiteit, is de zelfstandige in bijberoep gehouden tot het betalen van sociale bijdragen.

De sociale bijdragen uit hoofde van een zelfstandig bijberoep genereren in de meeste gevallen geen sociale rechten en worden aanzien als louter een solidariteitsbijdrage.

Zelfstandigen in bijberoep die minstens dezelfde bijdragen betalen als een zelfstandige in hoofdberoep openen wel pensioenrechten.

Graag had ik hieromtrent dan ook een gedetailleerd antwoord ontvangen op volgende vragen:

1) Welke is de totaliteit van de sociale bijdragen uit hoofde van een zelfstandig in bijberoep en dit op jaarbasis voor respectievelijk de laatste drie jaren?

2) Hoeveel zelfstandigen in beroep betalen geen sociale bijdrage?

3) Hoeveel zelfstandigen in bijberoep betalen minstens dezelfde sociale bijdragen als een zelfstandige in hoofdberoep?

4) Hoeveel pensioenen worden betaald aan deze laatste categorie?

Antwoord ontvangen op 2 maart 2012 :

1. Een opsplitsing volgens aard van bezigheid (hoofd- of bijberoep of actief na pensioen) kan niet worden weergegeven. Voor het jaar 2010 bedroegen de geïnde sociale bijdragen in totaal 3 342 434 000 euro. Voor de jaren 2009 en 2008 bedroegen de totale sociale bijdragen respectievelijk 3 233 903 000 euro en 3 066 095 000 euro. Eerder uitgevoerde studies tonen aan dat het (theoretisch) aandeel van de bijberoepers in het totaal van de sociale bijdragen respectievelijk 3,7 % (jaar 2010), 3,6 % (jaar 2009) en 3,8 % (jaar 2008) bedraagt.

2. Uit eerder door het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandige (RSVZ) uitgevoerde studies had ruim meer dan de helft, ofwel ongeveer 58 % van het totaal aantal verzekeringsplichtigen in bijberoep, in 2010 een geherwaardeerd netto-belastbaar jaarinkomen dat kleiner was dan 1 308,18 euro en aldus dienden geen sociale bijdragen te betalen.

3. De hierna vermelde data hebben betrekking op het jaar 2010.

Voor een verzekeringsplichtige in hoofdberoep bedraagt de definitief verschuldigde minimumbijdrage op jaarbasis (vanaf het vierde jaar) 2 601,36 euro. Dit komt overeen met 22 % op het minimuminkomen van 11 824,39 euro.

Vanaf een geherwaardeerd netto-jaarinkomen van 11 824,39 euro zal de bijberoeper minstens dezelfde sociale bijdragen als de hoofdberoeper betalen.

In de loop van 2010 waren er ongeveer 15 275 (ofwel 6,9 % van het totaal aantal bijberoepers) verzekeringsplichtigen in nevenactiviteit die een geïndexeerd netto-jaarinkomen hadden van minstens 11 824,39 euro.

4. Hierna vindt u het aantal rustpensioenen die voor de eerste maal zijn ingegaan in het betrokken jaar met de volledige loopbaan als zelfstandige in bijberoep met minstens de minimumbijdrage voor een zelfstandige in hoofdberoep :

Jaar 2008 : 46 ; jaar 2009 : 42 ; jaar 2010 : 46

Hierna vindt u het aantal rustpensioenen die voor de eerste maal zijn ingegaan in het betrokken jaar met minstens één kwartaal als zelfstandige in bijberoep met minstens de minimumbijdrage voor een zelfstandige in hoofdberoep :

Jaar 2008 : 1 108 ; jaar 2009 : 1 084 ; jaar 2010 : 1 223