Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-2940

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 10 augustus 2011

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Institutionele Hervormingen

SyriŽ - Hama - Burgerdoden - Standpunt regering - Maatregelen

SyriŽ
politiek geweld

Chronologie

10/8/2011 Verzending vraag
28/9/2011 Antwoord

Vraag nr. 5-2940 d.d. 10 augustus 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In SyriŽ hebben tanks van het leger de stad Hama bestormd. Daarbij zouden tientallen doden gevallen zijn en ook nog eens vele gewonden. Het is onduidelijk hoeveel slachtoffers er precies zijn. De water- en elektriciteitsvoorziening in de stad is afgesloten door het Syrische leger. Het leger houdt de stad al een maand omsingeld, nadat er massaal was gedemonstreerd tegen president Assad.

Het regime treedt al maanden keihard op tegen betogers die eisen dat de president aftreedt. De afgelopen maanden zijn al zeker duizendzeshonderd SyriŽrs omgekomen bij het buitensporige geweld dat wordt gebruikt door de troepen van Assad. Hama is de stad waar in 1982 minstens 10 000 mensen om het leven kwamen. President Hafiz al-Assad, de vader van de huidige president Bashar al-Assad, stuurde toen ook tanks op de stad af.

Graag had ik dan ook volgende vragen voorgelegd:

1) Welke stappen heeft de geachte minister tot op heden genomen om het herhaalde geweld in SyriŽ tegen de burgerbevolking aan te klagen bij de Syrische autoriteiten en meent hij dat deze volstaan in het licht van de vele slachtoffers?

2) Deelt hij de opvatting dat alle beschikbare diplomatieke middelen moeten worden ingezet om het Syrische regime te bewegen tot vreedzame hervormingen en een zinvolle politieke discussie met de binnenlandse oppositie en zo ja, hoe heeft hij dit concreet ingevuld en welke stappen gaat hij nog nemen?

3) Meent hij dat de aanscherping van de sancties door de Europese Unie (EU) in de vorm van een reisverbod voor in totaal vijfendertig hoge Syrische functionarissen en bevriezing van hun banktegoeden voldoende druk op het regime legt? Zo nee, welke bijkomende sancties bepleit hij?

4) Is het waar dat er nog steeds geen volledig EU-wapenembargo is tegen SyriŽ omdat enkele EU-lidstaten zich daartegen verzetten? Zo ja, deelt hij de opvatting dat er zo spoedig mogelijk een volledig EU-wapenembargo tegen SyriŽ moet komen?

5) Is hij van mening dat moet worden overwogen om naast diplomatieke sancties ook economische sancties tegen SyriŽ in te stellen? Zo nee, waarom niet?

6) Heeft hij de Syrische ambassadeur reeds ontboden om namens de regering de misdrijven tegen de burgerbevolking expliciet en in de strengste bewoording te veroordelen? Zo ja, hoe reageerde de ambassadeur? Zo neen, waarom niet en is hij zinnens dit te doen naar de toekomst toe?

Antwoord ontvangen op 28 september 2011 :

1. Sinds het begin van de protesten in Syrië en de gewelddadige reactie van het Syrische regime heb ik al drie keer de Syrische ambassadeur in België geconvoceerd om het Belgische standpunt duidelijk te maken, namelijk dat het geweld tegen vreedzame betogers onmiddellijk moet stoppen en dat er dringend werk moet gemaakt worden van politieke hervormingen, zoals die geëist worden door het Syrische volk. Daarnaast heb ik ook verschillende persverklaringen afgelegd. De laatste dateert van 18 augustus 2011 waarin ik verklaar dat de Syrische president zijn legitimiteit heeft verloren en dient plaats te maken voor daadwerkelijke hervormingen. Ook op Europees vlak is België actief om sancties tegen het Syrische regime en personen die het steunen in te stellen. Daarnaast was België één van de voorstanders voor een Speciale Sessie van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties in Genève. Tijdens die sessie van 22 en 23 augustus 2011 is een resolutie aangenomen waarin onder meer een onderzoek geëist wordt naar de schendingen van de mensenrechten in Syrië.

2. Alle beschikbare diplomatieke middelen dienen inderdaad ingezet te worden om het Syrische regime te overtuigen tot vreedzame hervormingen.

3. De Europese Unie heeft, mede op aansporen van België, de druk op het Syrische regime gradueel opgevoerd. De sanctielijst van leden van het regime en personen en individuen die het steunen, wordt stap per stap uitgebreid. Momenteel onderzoekt de Europese Unie de mogelijkheden om ook economische sancties tegen het regime in te stellen, voornamelijk in de oliesector, een belangrijke inkomstenbron voor het regime.

4. Het wapenembargo werd opgelegd door de Raad in het raadsbesluit 2011/273/GBVB van 9 mei en verbiedt elke uitvoer van goederen opgenomen in de militaire lijst van de Europese Unie vanuit de lidstaten of door toedoen van burgers van de lidstaten van de Europese Unie naar Syrië. Dergelijk raadsbesluit wordt unaniem door de lidstaten aangenomen en is bindend voor alle lidstaten.

5. Zoals in antwoord 3) al aangegeven, onderzoekt de Europese Unie de mogelijkheden om ook in economische sectoren sancties op te stellen tegen het Syrische regime. Voornamelijk sancties in de oliesector kunnen de druk op het regime opvoeren.

6. Zoals ik in antwoord 1) al meldde, heb ik de Syrische ambassadeur al drie keer laten ontbieden door mijn diensten om het Belgische standpunt inzake de gebeurtenissen in Syrië duidelijk te maken. De Syrische ambassadeur reageerde door te stellen dat het land te kampen heeft met gewapende groepen die het land willen destabiliseren. Daarnaast zei hij dat president Assad wel degelijk politieke hervormingen wil doorvoeren, maar dat deze tijd vergen. Hij heeft herhaaldelijk al die hervormingen aangekondigd.